3. Akwaaba

Van: Marion
Datum: Donderdag 28 februari 2002, 21:23 uur
Aan: vrienden en bekenden
Onderwerp: Akwaaba

Akwaaba (welcome),

De afgelopen week heb ik zoveel gezien, gehoord en geleerd, dat ik het jullie nauwelijks kan uitleggen. Ik ben echt doodmoe van alle nieuwe indrukken en val nog steeds van de ene verbazing in de andere. Vaak vraag ik me af of dit ooit zal wennen… Op sommige momenten denk ik van niet, maar wie weet hoe ik over 4 maanden hier door de straten loop.

Hoewel dit een stad is met 1,8 miljoen mensen begrijp ik nog steeds niet waar ze al die mensen laten. Het is hier zo verschrikkelijk mooi, groen en rustig. Het straatbeeld bestaat, naast meer palmbomen dan je in een leven kan tellen, uit fantastisch mooie vrouwen in hele kleurige kleding met manden op hun hoofd met vruchten en andere dingen. Op straat rijden wagens met een open laadruimte die helemaal vol zitten met mensen. Het stadsvervoer bestaat uit zogenaamde “trotro’s”. Dit zijn hele kleine taxibusjes waar ze een systeem van zoveel mogelijk stoeltjes in hebben gemaakt zodat er tot 20 mensen (weet ik ondertussen uit ervaring) kunnen worden ingestouwd.

Op straat kijkt iedereen naar me en hoor ik de hele tijd kreten als “hello, how are you!” en “you are welcome”. Het gekke is dat dit zich allemaal nog steeds in Accra, de hoofdstad van Ghana, afspeelt, en niet in 1 of ander klein dorpje waar men nog nooit een blanke heeft gezien. Ook kinderen proberen me vaak een handje te geven, en ik word vaak zomaar in m’n arm geknepen door mensen die vervolgens snel weer wegduiken. Maar op het moment dat een jongen/man vervelend wordt (ze zien je toch een beetje als een levensverzekering voor de hele familie) wordt hij meteen op zijn gedrag aangesproken door andere mensen op straat. Iedereen neemt je dus in bescherming.

Samen met Marloes (een Nederlands meisje dat hetzelfde project gaat doen als ik) heb ik deze hele week het introductieprogramma gevolgd. We hebben gigantisch veel lol gehad met z’n 2-en, maar hebben ook uren stilletjes naast elkaar rondgelopen zonder een woord te zeggen, alleen maar alles in ons opnemend. De introductie bestond uit heel veel lessen over de cultuur (daarover in een volgende e-mail meer, want dat is een verhaal op zich), het gastgezin waar we in terecht gaan komen, het onderwijssysteem (stokslagen zijn hier nog in de mode!), medische aangelegenheden, etc. Daarnaast hebben we taalles gevolgd in het dialect van de streek waar we terecht gaan komen, en zijn we meegenomen op een tour door de stad. Kookles maakte ook deel uit van het programma, en het allerleukste was natuurlijk de les waarin we Afrikaans hebben leren dansen en drummen. Vandaag werd de introductie afgesloten met een middagje strand.

Al met al zijn we deze week toch flink beziggehouden hoewel we allebei het vakantiegevoel niet konden onderdrukken. Maar op zich was dit natuurlijk wel een goed begin, want de eerste cultuurshock begint zich wat naar de achtergrond te verdringen (hoewel we nog steeds van de ene verbazing in de andere vallen), en ik ben ook een beetje bijgekomen van de drukke weken in Nederland voordat ik vertrok.

Morgenvroeg om 5 uur (!) gaan Marloes en ik met de bus naar Kumasi waar we even na het middaguur aan zullen komen (als het goed is). We gaan alle twee hetzelfde project doen! Zover ons tot nu toe is uitgelegd gaan we lesgeven op een school met 400 kinderen tussen de 3 en 14 jaar oud. De directeur van de school woont op het schoolterrein en heeft daar tevens een weeshuis waar wij ieder ook een kamer zullen krijgen. Op dit moment zijn er ongeveer 12 kinderen in het tehuis waar we we dus voor zullen moeten zorgen als we geen les geven op de school. De school ligt trouwens niet in de stad zoals ik eerst dacht, maar in 1 van de buitenwijken.

Ik ga nu een eind maken aan dit eindeloze verhaal en m’n rugzakje weer inpakken. Dan ga ik lekker nog voor de 1 na laatste keer van het stromende water dat hier nog uit de kraan komt genieten.

Heel veel liefs,
Marion.

p.s. I Onderstaand stuk komt uit mijn dagboek (lang leve copy en paste) en gaat over de middag dat we met een gids (Mike) naar de markt gingen. Voor de echte diehards onder jullie die nog geen hoofdpijn hebben is dit misschien wel een leuk stuk om te lezen, omdat het wel een aparte indruk geeft van het straatbeeld.

 

Woensdag 27 Februari 2002 
“…….. Met de trotro gingen we weer terug, en dit keer echt naar het centrum van Accra. Dit is echt niet te vergelijken met het centrum van wat voor stad dan ook die ik tot nu toe heb gezien. We kwamen bij een soort van markt en ik keek echt m’n ogen uit! Mike had het waarschijnlijk al 100.000 keer eerder gezien, dus hij had er nog steeds een flink tempo in zitten. Ik niet natuurlijk want ik kan niet keihard doorlopen, alles om me heen in me opnemen, mensen groeten, handjes geven, lief glimlachen, zwaaien, etc.

Ik bleef dus behoorlijk achter, en begon me stiekem wel een beetje te irriteren aan Mike die maar door bleef rennen, al mensen (al dan niet met dingen op hun hoofd) omzeilend. Gelukkig kwamen we snel bij de chopbar (een soort van restaurantje) aan waar we zouden gaan eten. De andere 3 Nederlandse meisjes waren er ook met hun gids (Kate), en we zouden met z’n allen gaan eten.

Iedereen bestelde (toch wel erg westers) kip met patat. Ik vroeg aan Kate wat ze me aanbeveelde en dat was dus de “Fufu”. Een mooi moment om dat eens te proberen aangezien ik daar al veel over had gehoord, maar absoluut niet wist hoe ik dit moest eten. Nu, met 2 Ghanezen erbij, was het dus een mooi moment om uit te proberen. Het bleek dus een soort van hele pittige tomaten/rundvleesssoep te zijn (het rundvlees bleek trouwens later van een geit afkomstig te zijn) met een grote kleffe bal (leek op een soort deeg) in het midden. Ik moest eerst m’n rechterhand wassen (de linker is onrein, dus die stop je maar ergens -hehehe- onder tafel), en toen met m’n rechterhand stukjes van die bal halen, bolletje van maken en goed door de soep halen, en dan zonder te kauwen (!) in 1 keer doorslikken. Binnen de kortste keren zat dus niet alleen m’n hand, maar mijn totale persoontje helemaal onder de tomatensoepachtige troep. Ik had wel een lepel en die bleek te zijn om meteen na het doorslikken het balletje met de soep weg te spoelen. Heel apart dus. Uiteindelijk was het allemaal best te eten (maar ik ben ook niet zo’n hele moeilijke eter), maar moet ik zeggen dat het biertje dat ik daarna bestelde me nog wel het beste smaakte.

Uiteindelijk zijn we met Mike naar de markt gegaan en dat was echt zo verschrikkelijk bijzonder dat ik niet weet wat ik daarover moet schrijven. Een gedeelte was overdekt met golfplaten en daar stonden allemaal vrouwen met naaimachines die constant ratelden. Je kwam de markt oplopen en je hoorde “ratatataratatata”… Tientallen naaimachines, van het ouderwetse soort waarvan ik weet dat mijn oma ze nog had (en wellicht ook m’n moeder), die nog met de hand worden bediend. Er werden schooluniformen gemaakt voor de kinderen, hele mooie jurken in traditionele kledingdracht, en min of meer voor westerse maatstaven “gewone” kleding. Tussen deze naaiers en naaisters (het waren zowel mannen als vrouwen) kon je je haar laten vlechten.

Dat is dus iets dat ik zeker nog wil laten doen, en toen we informeerden naar de prijs bleek het maar 30.000 cedis te kosten, wat ongeveer 4,60 euro is! Hiervoor zijn 2 meisjes minimaal 3 uur aan het vlechten! Tja, voor de rest is de markt een verzameling bontgekleurde mensen. Zoveel vrouwen (en mannen trouwens ook) die met van alles op hun hoofd rondlopen! Zelfs kinderen die echt behoorlijk zwaar uitziende dingen op deze manier met zich meedragen, en mannen die dingen op hun hoofd dragen die ik waarschijnlijk niet eens zou kunnen tillen. Als blanke val je natuurlijk gigantisch op en iedereen wil je naar zijn of haar kraampje lokken. Nu zijn die kraampjes niet al te groot, dus dat betekent dat er om de meter wel weer een ander kraampje staat. We werden dus echt helemaal gek!

Iedereen wilde groeten, en omdat ik natuurlijk weer hopeloos achterop liep omdat ik iedereen terug groette en alle uitgestoken handen en handjes (echt van de kleinste kinderen) vastpakte schoten we niet echt op. Mike was me verschillende keren kwijt en begon al wat angstig uit zijn ogen te kijken aangezien hij zich toch wel verantwoordelijk voelde. Ik vertelde Marloes nog dat mijn vader vroeger zijn riem uit z’n broek haalde en me daarmee aanlijnde. Ook toen ik een klein Marionnetje was raakt ik vaak afgeleid door alles wat ik om me heen zag, waardoor ik nogal eens kwijt raakte. Dit verhaal heb ik maar niet aan Mike verteld, het had hem op ideeën kunnen brengen….

Ik was trouwens de oplader voor m’n telefoon vergeten, dus zouden we nog even gaan kijken of we er 1 konden vinden bij de “sectie” elektronica. Dat was niet zo’n probleem, opladers genoeg, en omdat onze gids sowieso op de markt zou laten zien hoe je moest onderhandelen (in Ghana betaal je natuurlijk nooit de vraagprijs) zou hij wel even laten zien hoe het moest. Hoewel e.e.a. in een locaal dialect ging kon ik het wel redelijk volgen, en bodylanguage is en blijft natuurlijk altijd nog universeel. Uiteindelijk vertelde Mike vol trots dat hij voor me had onderhandeld (duh) en dat ik 80.000 cedis moest betalen. Vertel mij alleen niets over onderhandelen en 5 minuten later had ik er, naast de oplader, ook nog een adapter (die eigenlijk 10.000 koste) bij voor een totaalprijs van 75.000. Mike liet ik perplex achter…

Niet al te veel later viel de arme jongen weer stil, toen ik hem vertelde dat ik voetbalde. Ik had niet verwacht hem hiermee te shockeren aangezien ik op internet al veel had gelezen over het Ghanese dameselftal, maar dat bleek toch niet helemaal waar. Een voetballend meisje was teveel voor zijn begripsvermogen. Op het moment dat we het hier over hadden zaten we trouwens bij 1 van de naaisters op een bankje omdat het buiten gigantisch was gaan regenen. Een buurjongen naaier was zo lief om speciaal voor mij (dat zei hij in elk geval) een lekker muziekje uit z’n radio te laten klinken, en dat op flinke sterkte. Natuurlijk was het reggae, iets anders zou ook niet bij de omgeving passen, en ik zat heerlijk mee te swingen.

Natuurlijk, vond ik het na een half uur zitten het wel weer voldoende, en ook Marloes bleek niet bang voor een paar druppels water. Toen ik echter aan Mike voorstelde om te gaan lopen (regen of geen regen) bezorgde ik hem echter de 3de shock in amper een uur tijd. Hij dacht eerst dat ik een geintje maakte, maar toen hij zag dat ik hartstikke serieus was en zei dat we niet zouden smelten van een beetje regen had hij toch door dat deze Nederlandse dames zich in deze temperaturen niet laten tegen houden door wat water. Hij echter wel, want hij vertelde dat hij elke keer ziek werd als hij nat werd, dus konden we echt niet door de regen gaan lopen.

Overigens was het wel een supergaaf gezicht toen het begon te regenen. We liepen op dat moment net op een niet overdekt stuk van de markt, en alsof er plotseling keihard een bel afging sprongen alle mensen in 1 keer op. Toen voelde ik ook de eerste druppel regen op m’n arm belandden, en begreep ik dat iedereen als een gek alles aan het inpakken was om de handelswaar maar niet nat te laten worden. We hebben hier echt vol verbazing naar zitten kijken, want het marktterrein was al zo gigantisch vol en er was al zo veel bedrijvigheid dat we dachten dat er het niet veel drukker kon. Dus wel!

Uiteindelijk werd de regen iets minder en kregen we Mike zo ver om weer op pad te gaan. Het laatste stuk van de markt moesten we over (en ik natuurlijk ook weer in) allemaal plassen springen. We moesten nog door het levensmiddelen gedeelte en ik moet zeggen dat de eetlust me daar snel verging. Gigantische slakken van wel 10 centimeter (al dan niet met huisje) waarvan ik niet eens wist dat ze zo groot bestonden, en gewone slakken die ik waarschijnlijk wel eens gegeten heb ik een restaurant. Maar als ik ze zo zag liggen/kruipen (ze leefden ook nog) zou ik ze echt nooit meer willen eten. Maar dat dachten we 5 minuten later eigenlijk van al het voedsel dat daar lag…….. ”

 

  1. Introductie
  2. Cultuurshock?!!!!
  3. Akwaaba
  4. Plaats van bestemming
  5. Obruni
  6. Kleine vliegende prikbeestjes
  7. Warchild?
  8. Contrast
  9. Tome tome
  10. @!%@^#$@#!@ muggen
  11. Look, Listen, Learn
  12. Zoals het klokje thuis tikt… ??